Skip to content
Text size 100%
Translation comparison

Compare Al-Waqi'ah Quran translations

Compare up to three verified translation editions verse by verse, including editions in two different languages.

Dutch editions (choose up to 3)

Changing languages or editions keeps the current surah and verse.

بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ إِذَا وَقَعَتِ ٱلْوَاقِعَةُ ﴿1﴾

Siregar

Wanneer de Dag der Opstanding plaatsvindt.

لَيْسَ لِوَقْعَتِهَا كَاذِبَةٌ ﴿2﴾

Siregar

(Dan) kent de gebeurtenis ervan geen loochening.

خَافِضَةٌۭ رَّافِعَةٌ ﴿3﴾

Siregar

Verlagend (voor de één), verheffend (voor de ander).

إِذَا رُجَّتِ ٱلْأَرْضُ رَجًّۭا ﴿4﴾

Siregar

Wanneer de aarde hevig geschud wordt.

وَبُسَّتِ ٱلْجِبَالُ بَسًّۭا ﴿5﴾

Siregar

En de bergen volledig vernietigd worden.

فَكَانَتْ هَبَآءًۭ مُّنۢبَثًّۭا ﴿6﴾

Siregar

Zodat deze tot rondvliegend stof worden.

وَكُنتُمْ أَزْوَٰجًۭا ثَلَٰثَةًۭ ﴿7﴾

Siregar

En jullie in drie groepen verdeeld zijn.

فَأَصْحَٰبُ ٱلْمَيْمَنَةِ مَآ أَصْحَٰبُ ٱلْمَيْمَنَةِ ﴿8﴾

Siregar

De mensen van de rechterzijde, (wat een voorspoed voor) de mensen van de rechterzijde!

وَأَصْحَٰبُ ٱلْمَشْـَٔمَةِ مَآ أَصْحَٰبُ ٱلْمَشْـَٔمَةِ ﴿9﴾

Siregar

En de mensen van de linkerzijde, (wat een tegenspoed voor) de mensen van de linkerzijde!

وَٱلسَّٰبِقُونَ ٱلسَّٰبِقُونَ ﴿10﴾

Siregar

En de eersten (de derde groep) zijn de eersten.

أُو۟لَٰٓئِكَ ٱلْمُقَرَّبُونَ ﴿11﴾

Siregar

Dat zijn degenen die nabij zijn gebracht.

فِى جَنَّٰتِ ٱلنَّعِيمِ ﴿12﴾

Siregar

In de Tuinen van gelukzaligheid (het Paradijs).

ثُلَّةٌۭ مِّنَ ٱلْأَوَّلِينَ ﴿13﴾

Siregar

Een aantal van de vroegeren.

وَقَلِيلٌۭ مِّنَ ٱلْءَاخِرِينَ ﴿14﴾

Siregar

En weinig van de lateren.

عَلَىٰ سُرُرٍۢ مَّوْضُونَةٍۢ ﴿15﴾

Siregar

Op (met goud) geborduurde rustbanken.

مُّتَّكِـِٔينَ عَلَيْهَا مُتَقَٰبِلِينَ ﴿16﴾

Siregar

Daarop leunend, tegenover elkaar zittend.

يَطُوفُ عَلَيْهِمْ وِلْدَٰنٌۭ مُّخَلَّدُونَ ﴿17﴾

Siregar

Onder hen gaan eeuwig jeugdigen rond.

بِأَكْوَابٍۢ وَأَبَارِيقَ وَكَأْسٍۢ مِّن مَّعِينٍۢ ﴿18﴾

Siregar

Met bokalen en kannen en glazen, gevuld aan een stromende bron.

لَّا يُصَدَّعُونَ عَنْهَا وَلَا يُنزِفُونَ ﴿19﴾

Siregar

Waarvan zij geen hoofdpijn krijgen en niet dronken worden.

وَفَٰكِهَةٍۢ مِّمَّا يَتَخَيَّرُونَ ﴿20﴾

Siregar

En vruchten waaruit zij kunnen kiezen.

وَلَحْمِ طَيْرٍۢ مِّمَّا يَشْتَهُونَ ﴿21﴾

Siregar

En vlees van gevogelte, wat zij maar verlangen.

وَحُورٌ عِينٌۭ ﴿22﴾

Siregar

En schonen met schitterende ogen.

كَأَمْثَٰلِ ٱللُّؤْلُؤِ ٱلْمَكْنُونِ ﴿23﴾

Siregar

Gelijk welbewaarde parels.

جَزَآءًۢ بِمَا كَانُوا۟ يَعْمَلُونَ ﴿24﴾

Siregar

Als een beloning voor wat zij plachten te doen.

لَا يَسْمَعُونَ فِيهَا لَغْوًۭا وَلَا تَأْثِيمًا ﴿25﴾

Siregar

Zij horen daarin geen onzin en geen zondigheid.

إِلَّا قِيلًۭا سَلَٰمًۭا سَلَٰمًۭا ﴿26﴾

Siregar

Slechts het zeggen van: "Vrede! Vrede!"

وَأَصْحَٰبُ ٱلْيَمِينِ مَآ أَصْحَٰبُ ٱلْيَمِينِ ﴿27﴾

Siregar

En de mensen van de rechterzijde, (wat een voorspoed voor) de mensen van de rechterzijde!

فِى سِدْرٍۢ مَّخْضُودٍۢ ﴿28﴾

Siregar

Temidden van lotusbomen zonder doornen.

وَطَلْحٍۢ مَّنضُودٍۢ ﴿29﴾

Siregar

En bananenbomen vol met vruchten.

وَظِلٍّۢ مَّمْدُودٍۢ ﴿30﴾

Siregar

En langdurige schaduw.

وَمَآءٍۢ مَّسْكُوبٍۢ ﴿31﴾

Siregar

En stromend water.

وَفَٰكِهَةٍۢ كَثِيرَةٍۢ ﴿32﴾

Siregar

En fruit in overvloed.

لَّا مَقْطُوعَةٍۢ وَلَا مَمْنُوعَةٍۢ ﴿33﴾

Siregar

Niet onderbroken en niet verboden.

وَفُرُشٍۢ مَّرْفُوعَةٍ ﴿34﴾

Siregar

Op verhoogde rustbedden.

إِنَّآ أَنشَأْنَٰهُنَّ إِنشَآءًۭ ﴿35﴾

Siregar

Voorwaar, Wij hebben hen (de vrouwen in het Paradijs) opnieuw geschapen.

فَجَعَلْنَٰهُنَّ أَبْكَارًا ﴿36﴾

Siregar

En Wij hebben hen maagdelijk gemaakt.

عُرُبًا أَتْرَابًۭا ﴿37﴾

Siregar

Liefdevol en gelijk in leeftijd.

لِّأَصْحَٰبِ ٱلْيَمِينِ ﴿38﴾

Siregar

Voor de mensen aan de rechterzijde.

ثُلَّةٌۭ مِّنَ ٱلْأَوَّلِينَ ﴿39﴾

Siregar

Een aantal van de vroegeren (groepen).

وَثُلَّةٌۭ مِّنَ ٱلْءَاخِرِينَ ﴿40﴾

Siregar

En een aantal van de lateren.

وَأَصْحَٰبُ ٱلشِّمَالِ مَآ أَصْحَٰبُ ٱلشِّمَالِ ﴿41﴾

Siregar

En de mensen van de linkerzijde, (wat een tegenspoed voor) de mensen aan de linkerzijde!

فِى سَمُومٍۢ وَحَمِيمٍۢ ﴿42﴾

Siregar

(Zij verkeren) in een verzengende wind en kokend water.

وَظِلٍّۢ مِّن يَحْمُومٍۢ ﴿43﴾

Siregar

En schaduwen van zwarte rook.

لَّا بَارِدٍۢ وَلَا كَرِيمٍ ﴿44﴾

Siregar

Niet koel en niet weldadig.

إِنَّهُمْ كَانُوا۟ قَبْلَ ذَٰلِكَ مُتْرَفِينَ ﴿45﴾

Siregar

Voorwaar, zij plachten voorheen in weelde te leven.

وَكَانُوا۟ يُصِرُّونَ عَلَى ٱلْحِنثِ ٱلْعَظِيمِ ﴿46﴾

Siregar

En zij volhardden in geweldige zondigheid.

وَكَانُوا۟ يَقُولُونَ أَئِذَا مِتْنَا وَكُنَّا تُرَابًۭا وَعِظَٰمًا أَءِنَّا لَمَبْعُوثُونَ ﴿47﴾

Siregar

Zij plachten te zeggen: "Als wij gestorven zijn en tot stof en botten zijn geworden, zullen wij dan zeker opgewekt worden?

أَوَءَابَآؤُنَا ٱلْأَوَّلُونَ ﴿48﴾

Siregar

En ook onze voorvaderen?"

قُلْ إِنَّ ٱلْأَوَّلِينَ وَٱلْءَاخِرِينَ ﴿49﴾

Siregar

Zeg: "Voorwaar, de vroegeren en de lateren."

لَمَجْمُوعُونَ إِلَىٰ مِيقَٰتِ يَوْمٍۢ مَّعْلُومٍۢ ﴿50﴾

Siregar

Zij zullen zeker bijeengebracht worden op het bepaalde tijdstip van een bekende Dag.

ثُمَّ إِنَّكُمْ أَيُّهَا ٱلضَّآلُّونَ ٱلْمُكَذِّبُونَ ﴿51﴾

Siregar

Daarna zullen jullie, O dwalende, loochenaars.

لَءَاكِلُونَ مِن شَجَرٍۢ مِّن زَقُّومٍۢ ﴿52﴾

Siregar

Zeker van de Zaqqôem-boom eten.

فَمَالِـُٔونَ مِنْهَا ٱلْبُطُونَ ﴿53﴾

Siregar

Dan zullen jullie daarmee de buiken vullen.

فَشَٰرِبُونَ عَلَيْهِ مِنَ ٱلْحَمِيمِ ﴿54﴾

Siregar

Daarna zullen jullie er (kokend water) van drinken.

فَشَٰرِبُونَ شُرْبَ ٱلْهِيمِ ﴿55﴾

Siregar

Jullie zullen dan drinken als smachtende kamelen.

هَٰذَا نُزُلُهُمْ يَوْمَ ٱلدِّينِ ﴿56﴾

Siregar

Dit is hun onthaal op de Dag des Oordeels.

نَحْنُ خَلَقْنَٰكُمْ فَلَوْلَا تُصَدِّقُونَ ﴿57﴾

Siregar

Wij hebben jullie geschapen, waren jullie maar overtuigd geweest!

أَفَرَءَيْتُم مَّا تُمْنُونَ ﴿58﴾

Siregar

Hoe denken jullie dan over dat (zaad) wat jullie uitstorten?

ءَأَنتُمْ تَخْلُقُونَهُۥٓ أَمْ نَحْنُ ٱلْخَٰلِقُونَ ﴿59﴾

Siregar

Hebben jullie dat geschapen of zijn Wij de Scheppers?

نَحْنُ قَدَّرْنَا بَيْنَكُمُ ٱلْمَوْتَ وَمَا نَحْنُ بِمَسْبُوقِينَ ﴿60﴾

Siregar

Wij hebben de dood onder jullie bepaald, en Wij zijn niet zwak.

عَلَىٰٓ أَن نُّبَدِّلَ أَمْثَٰلَكُمْ وَنُنشِئَكُمْ فِى مَا لَا تَعْلَمُونَ ﴿61﴾

Siregar

Om schepselen zoals jullie te scheppen en om jullie opnieuw tot leven te brengen in (een schepping) waarvan jullie niet weten.

وَلَقَدْ عَلِمْتُمُ ٱلنَّشْأَةَ ٱلْأُولَىٰ فَلَوْلَا تَذَكَّرُونَ ﴿62﴾

Siregar

En voorzeker, jullie hebben kennis over de eerste schepping, hadden jullie er maar lering uit getrokken!

أَفَرَءَيْتُم مَّا تَحْرُثُونَ ﴿63﴾

Siregar

Hoe denken jullie dan over wat jullie zaaien?

ءَأَنتُمْ تَزْرَعُونَهُۥٓ أَمْ نَحْنُ ٱلزَّٰرِعُونَ ﴿64﴾

Siregar

Zijn jullie het die het doen groeien of zijn Wij het Die doen groeien?

لَوْ نَشَآءُ لَجَعَلْنَٰهُ حُطَٰمًۭا فَظَلْتُمْ تَفَكَّهُونَ ﴿65﴾

Siregar

Als Wij zouden willen, dan zouden Wij het laten verdorren, zodat jullie het zouden blijven betreuren.

إِنَّا لَمُغْرَمُونَ ﴿66﴾

Siregar

(En zeiden:) "Voorwaar, wij zijn zeker met schuld beladen.

بَلْ نَحْنُ مَحْرُومُونَ ﴿67﴾

Siregar

Wij zijn zelfs beroofd."

أَفَرَءَيْتُمُ ٱلْمَآءَ ٱلَّذِى تَشْرَبُونَ ﴿68﴾

Siregar

Hoe denken jullie dan over het water dat jullie drinken?

ءَأَنتُمْ أَنزَلْتُمُوهُ مِنَ ٱلْمُزْنِ أَمْ نَحْنُ ٱلْمُنزِلُونَ ﴿69﴾

Siregar

Zijn jullie het die het uit de wolken doen neerkomen of zijn Wij de neerzenders?

لَوْ نَشَآءُ جَعَلْنَٰهُ أُجَاجًۭا فَلَوْلَا تَشْكُرُونَ ﴿70﴾

Siregar

Als Wij zouden willen, dan zouden Wij het tot zout water maken. Waren jullie maar dankbaar!

أَفَرَءَيْتُمُ ٱلنَّارَ ٱلَّتِى تُورُونَ ﴿71﴾

Siregar

Hoe denken jullie dan over het vuur dat jullie ontsteken?

ءَأَنتُمْ أَنشَأْتُمْ شَجَرَتَهَآ أَمْ نَحْنُ ٱلْمُنشِـُٔونَ ﴿72﴾

Siregar

Hebben jullie de boom daarvoor voortgebracht, of zijn Wij de voortbrengers?

نَحْنُ جَعَلْنَٰهَا تَذْكِرَةًۭ وَمَتَٰعًۭا لِّلْمُقْوِينَ ﴿73﴾

Siregar

Wij hebben het (vuur) gemaakt ter herinnering en tot nut voor de reizigers.

فَسَبِّحْ بِٱسْمِ رَبِّكَ ٱلْعَظِيمِ ﴿74﴾

Siregar

Prijst daarom de Naam van jouw Heer, de Geweldige.

۞ فَلَآ أُقْسِمُ بِمَوَٰقِعِ ٱلنُّجُومِ ﴿75﴾

Siregar

Ik zweer bij het vallen van de sterren.

وَإِنَّهُۥ لَقَسَمٌۭ لَّوْ تَعْلَمُونَ عَظِيمٌ ﴿76﴾

Siregar

En voorwaar, dat is zeker een geweldige eed, als jullie dat begrepen!

إِنَّهُۥ لَقُرْءَانٌۭ كَرِيمٌۭ ﴿77﴾

Siregar

En voorwaar, dit is zeker de nobele Koran.

فِى كِتَٰبٍۢ مَّكْنُونٍۢ ﴿78﴾

Siregar

In een welbewaard Boek.

لَّا يَمَسُّهُۥٓ إِلَّا ٱلْمُطَهَّرُونَ ﴿79﴾

Siregar

Dat niemand aanraakt dan de gereinigden.

تَنزِيلٌۭ مِّن رَّبِّ ٱلْعَٰلَمِينَ ﴿80﴾

Siregar

Een neerzending van de Heer der Werelden.

أَفَبِهَٰذَا ٱلْحَدِيثِ أَنتُم مُّدْهِنُونَ ﴿81﴾

Siregar

Onderschatten jullie deze Koran dan?

وَتَجْعَلُونَ رِزْقَكُمْ أَنَّكُمْ تُكَذِّبُونَ ﴿82﴾

Siregar

En nemen jullie het loochenen (als dankbetuiging voor) jullie levensvoorziening?

فَلَوْلَآ إِذَا بَلَغَتِ ٱلْحُلْقُومَ ﴿83﴾

Siregar

Waren jullie maar, toen (de ziel) de keel bereikte.

وَأَنتُمْ حِينَئِذٍۢ تَنظُرُونَ ﴿84﴾

Siregar

En jullie op dat moment toezagen.

وَنَحْنُ أَقْرَبُ إِلَيْهِ مِنكُمْ وَلَٰكِن لَّا تُبْصِرُونَ ﴿85﴾

Siregar

En Wij dichter bij hem waren dan jullie - maar jullie zagen het niet.

فَلَوْلَآ إِن كُنتُمْ غَيْرَ مَدِينِينَ ﴿86﴾

Siregar

Waren jullie toen maar niet verantwoordelijk geweest.

تَرْجِعُونَهَآ إِن كُنتُمْ صَٰدِقِينَ ﴿87﴾

Siregar

Dan zouden jullie haar (de ziel) terugbrengen, als jullie waarachtig geweest waren.

فَأَمَّآ إِن كَانَ مِنَ ٱلْمُقَرَّبِينَ ﴿88﴾

Siregar

Als hij (de ziel) tot de nabijgebrachten behoort.

فَرَوْحٌۭ وَرَيْحَانٌۭ وَجَنَّتُ نَعِيمٍۢ ﴿89﴾

Siregar

(Dan zijn er voor de ziel) rust en voorzieningen en de Tuinen van gelukzaligheid (het Paradijs).

وَأَمَّآ إِن كَانَ مِنْ أَصْحَٰبِ ٱلْيَمِينِ ﴿90﴾

Siregar

Als hij tot de mensen aan de rechterzijde behoort.

فَسَلَٰمٌۭ لَّكَ مِنْ أَصْحَٰبِ ٱلْيَمِينِ ﴿91﴾

Siregar

(Luidt de begroeting.) "Vrede zij met jou," van de mensen van de rechterzijde.

وَأَمَّآ إِن كَانَ مِنَ ٱلْمُكَذِّبِينَ ٱلضَّآلِّينَ ﴿92﴾

Siregar

En als hij tot de dwalende loochenaars behoort.

فَنُزُلٌۭ مِّنْ حَمِيمٍۢ ﴿93﴾

Siregar

Dan is er een onthaal van kokend water.

وَتَصْلِيَةُ جَحِيمٍ ﴿94﴾

Siregar

En roostering in Djahîm (de Hel).

إِنَّ هَٰذَا لَهُوَ حَقُّ ٱلْيَقِينِ ﴿95﴾

Siregar

Voorwaar, dit is zeker de stellige Waarheid.

فَسَبِّحْ بِٱسْمِ رَبِّكَ ٱلْعَظِيمِ ﴿96﴾

Siregar

Prijst daarom de Naam van jouw Heer, de Geweldige.

Quran recitationReady
Open audio