Skip to content
Text size 100%
Translation comparison

Compare An-Naba Quran translations

Compare up to three verified translation editions verse by verse, including editions in two different languages.

Dutch editions (choose up to 3)

Changing languages or editions keeps the current surah and verse.

بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ عَمَّ يَتَسَآءَلُونَ ﴿1﴾

Keyzer

Nopens wat ondervragen de ongeloovigen elkander?

عَنِ ٱلنَّبَإِ ٱلْعَظِيمِ ﴿2﴾

Keyzer

Nopens het groote nieuws der opstanding.

ٱلَّذِى هُمْ فِيهِ مُخْتَلِفُونَ ﴿3﴾

Keyzer

Omtrent welke zij niet overeenstemmen.

كَلَّا سَيَعْلَمُونَ ﴿4﴾

Keyzer

Waarlijk, zij zullen hiernamaals de waarheid daarvan kennen.

ثُمَّ كَلَّا سَيَعْلَمُونَ ﴿5﴾

Keyzer

Nogmaals, zij zullen hiernamaals de waarheid daarvan kennen.

أَلَمْ نَجْعَلِ ٱلْأَرْضَ مِهَٰدًۭا ﴿6﴾

Keyzer

Hebben wij de aarde niet als een bed gespreid.

وَٱلْجِبَالَ أَوْتَادًۭا ﴿7﴾

Keyzer

En de bergen als staken om haar te bevestigen?

وَخَلَقْنَٰكُمْ أَزْوَٰجًۭا ﴿8﴾

Keyzer

Hebben wij u niet van twee seksen geschapen.

وَجَعَلْنَا نَوْمَكُمْ سُبَاتًۭا ﴿9﴾

Keyzer

En bepaald dat gij slapen zoudt om te rusten?

وَجَعَلْنَا ٱلَّيْلَ لِبَاسًۭا ﴿10﴾

Keyzer

Hebben wij van den nacht, geen kleed gemaakt om u te bedekken.

وَجَعَلْنَا ٱلنَّهَارَ مَعَاشًۭا ﴿11﴾

Keyzer

En hebben wij niet den dag bestemd, ten einde daarop uw levensonderhoud te winnen?

وَبَنَيْنَا فَوْقَكُمْ سَبْعًۭا شِدَادًۭا ﴿12﴾

Keyzer

Hebben wij niet zeven stevige hemelen boven u gebouwd.

وَجَعَلْنَا سِرَاجًۭا وَهَّاجًۭا ﴿13﴾

Keyzer

En daarin eene brandende lamp geplaatst?

وَأَنزَلْنَا مِنَ ٱلْمُعْصِرَٰتِ مَآءًۭ ثَجَّاجًۭا ﴿14﴾

Keyzer

En doen wij niet, uit de wolken, een overvloed van water stroomen.

لِّنُخْرِجَ بِهِۦ حَبًّۭا وَنَبَاتًۭا ﴿15﴾

Keyzer

Om daardoor graan en kruiden voort te brengen.

وَجَنَّٰتٍ أَلْفَافًا ﴿16﴾

Keyzer

En tuinen, dicht beplant met boomen?

إِنَّ يَوْمَ ٱلْفَصْلِ كَانَ مِيقَٰتًۭا ﴿17﴾

Keyzer

Waarlijk, de dag der scheiding is een onbepaald tijdstip;

يَوْمَ يُنفَخُ فِى ٱلصُّورِ فَتَأْتُونَ أَفْوَاجًۭا ﴿18﴾

Keyzer

De dag waarop de trompet zal klinken, en gij in scharen ten oordeel zult optrekken.

وَفُتِحَتِ ٱلسَّمَآءُ فَكَانَتْ أَبْوَٰبًۭا ﴿19﴾

Keyzer

De hemelen zullen geopend wezen, en zij zullen vol poorten zijn, om er de engelen te laten doorgaan.

وَسُيِّرَتِ ٱلْجِبَالُ فَكَانَتْ سَرَابًا ﴿20﴾

Keyzer

De bergen zullen voorbijgaan, en als damp worden.

إِنَّ جَهَنَّمَ كَانَتْ مِرْصَادًۭا ﴿21﴾

Keyzer

Waarlijk, de hel zal eene plaats van verbranding zijn;

لِّلطَّٰغِينَ مَـَٔابًۭا ﴿22﴾

Keyzer

Eene bergplaats voor de zondaren

لَّٰبِثِينَ فِيهَآ أَحْقَابًۭا ﴿23﴾

Keyzer

Die daar gedurende eeuwen zullen wonen.

لَّا يَذُوقُونَ فِيهَا بَرْدًۭا وَلَا شَرَابًا ﴿24﴾

Keyzer

Zij zullen daar geenerlei verversching proeven, noch eenigen drank.

إِلَّا حَمِيمًۭا وَغَسَّاقًۭا ﴿25﴾

Keyzer

Behalve kokend water en bedorven vocht:

جَزَآءًۭ وِفَاقًا ﴿26﴾

Keyzer

Eene geschikte vergelding voor hunne daden!

إِنَّهُمْ كَانُوا۟ لَا يَرْجُونَ حِسَابًۭا ﴿27﴾

Keyzer

Want zij hoopten, dat zij geene rekenschap zouden moeten afleggen.

وَكَذَّبُوا۟ بِـَٔايَٰتِنَا كِذَّابًۭا ﴿28﴾

Keyzer

En zij geloofden niet in onze teekenen, welke zij van valschheid beschuldigden.

وَكُلَّ شَىْءٍ أَحْصَيْنَٰهُ كِتَٰبًۭا ﴿29﴾

Keyzer

Maar elke zaak hebben wij opgeteld en nedergeschreven.

فَذُوقُوا۟ فَلَن نَّزِيدَكُمْ إِلَّا عَذَابًا ﴿30﴾

Keyzer

Proef dus de vergelding: wij zullen u niets dan marteling toevoegen.

إِنَّ لِلْمُتَّقِينَ مَفَازًا ﴿31﴾

Keyzer

Maar voor de godvruchtigen is eene plaats van heil gereed gemaakt:

حَدَآئِقَ وَأَعْنَٰبًۭا ﴿32﴾

Keyzer

Tuinen met boomen beplant en wijngaarden.

وَكَوَاعِبَ أَتْرَابًۭا ﴿33﴾

Keyzer

En maagden met zwellende borsten, van gelijken ouderdom met hen.

وَكَأْسًۭا دِهَاقًۭا ﴿34﴾

Keyzer

En een vollen beker.

لَّا يَسْمَعُونَ فِيهَا لَغْوًۭا وَلَا كِذَّٰبًۭا ﴿35﴾

Keyzer

Zij zullen daar geene ijdele gesprekken, of eenige onwaarheid hooren.

جَزَآءًۭ مِّن رَّبِّكَ عَطَآءً حِسَابًۭا ﴿36﴾

Keyzer

Dit zal hunne belooning wezen van hunnen Heer; eene volkomen toereikende gift.

رَّبِّ ٱلسَّمَٰوَٰتِ وَٱلْأَرْضِ وَمَا بَيْنَهُمَا ٱلرَّحْمَٰنِ ۖ لَا يَمْلِكُونَ مِنْهُ خِطَابًۭا ﴿37﴾

Keyzer

Van den Heer over hemel en aarde, en over alles wat daartusschen is: den Barmhartigen; maar de bewoners van den hemel of de aarde zullen hem geen gehoor durven vragen.

يَوْمَ يَقُومُ ٱلرُّوحُ وَٱلْمَلَٰٓئِكَةُ صَفًّۭا ۖ لَّا يَتَكَلَّمُونَ إِلَّا مَنْ أَذِنَ لَهُ ٱلرَّحْمَٰنُ وَقَالَ صَوَابًۭا ﴿38﴾

Keyzer

Den dag waarop de geest (Gabriël) en de andere engelen in orde geschaard zullen staan, zullen zij niet ten behoeve van zich zelven of van anderen spreken, behalve hij alleen, aan wien de Barmhartige verlof zal geven, en die zeggen zal, wat recht is.

ذَٰلِكَ ٱلْيَوْمُ ٱلْحَقُّ ۖ فَمَن شَآءَ ٱتَّخَذَ إِلَىٰ رَبِّهِۦ مَـَٔابًا ﴿39﴾

Keyzer

Dit is de onvermijdelijke dag. Wie dus wil, laat die tot zijn Heer terugkeeren.

إِنَّآ أَنذَرْنَٰكُمْ عَذَابًۭا قَرِيبًۭا يَوْمَ يَنظُرُ ٱلْمَرْءُ مَا قَدَّمَتْ يَدَاهُ وَيَقُولُ ٱلْكَافِرُ يَٰلَيْتَنِى كُنتُ تُرَٰبًۢا ﴿40﴾

Keyzer

Waarlijk, wij bedreigen u met eene straf die nabij ligt. Op den dag waarop de mensch de goede of slechte daden zal aanschouwen, welke zijne handen voor hem uit hebben gezonden, en waarop de on geloovige zal zeggen: God gaf, ik ware stof!

Quran recitationReady
Open audio