بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ وَٱلشَّمْسِ وَضُحَىٰهَا ﴿1﴾
Dutch Translation - Rowwad Translation Center
En bij de zon en haar ochtendgloren.
Keyzer
Ik zweer bij de zon en haren opgaanden glans,
Leemhuis
Bij de zon en haar morgenlicht!
Compare up to three verified translation editions verse by verse, including editions in two different languages.
Changing languages or editions keeps the current surah and verse.
بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ وَٱلشَّمْسِ وَضُحَىٰهَا ﴿1﴾
En bij de zon en haar ochtendgloren.
Ik zweer bij de zon en haren opgaanden glans,
Bij de zon en haar morgenlicht!
وَٱلْقَمَرِ إِذَا تَلَىٰهَا ﴿2﴾
En bij de maan die haar (de zon) volgt.
Bij de maan, als zij deze volgt,
Bij de maan, wanneer zij haar volgt!
وَٱلنَّهَارِ إِذَا جَلَّىٰهَا ﴿3﴾
En bij de dag als het de helderheid (van de zon) laat zien.
Bij den dag, als hij zijn glans vertoont,
Bij de dag, wanneer zij hem beschijnt!
وَٱلَّيْلِ إِذَا يَغْشَىٰهَا ﴿4﴾
En bij de nacht als die haar verbergt.
Bij den nacht, als die alles met duisternis bedekt;
Bij de nacht, wanneer hij haar bedekt!
وَٱلسَّمَآءِ وَمَا بَنَىٰهَا ﴿5﴾
En bij de hemel en Degene Die het gebouwd heeft.
Bij den hemel en bij Hem, die dien heeft gebouwd,
Bij de hemel en wie hem heeft gebouwd!
وَٱلْأَرْضِ وَمَا طَحَىٰهَا ﴿6﴾
En bij de aarde en Hij Die haar uitgespreid heeft.
Bij de aarde en bij Hem die haar uitspreidde,
Bij de aarde en wie haar heeft uitgespreid!
وَنَفْسٍۢ وَمَا سَوَّىٰهَا ﴿7﴾
En bij de ziel en Hij Die hem de perfecte verhoudingen heeft gegeven.
Bij de ziel en bij Hem die haar volkomen vormde,
Bij een ziel en wie haar heeft gevormd!
فَأَلْهَمَهَا فُجُورَهَا وَتَقْوَىٰهَا ﴿8﴾
Toen toonde Hij haar (de ziel) het slechte en bracht haar vrees bij (voor Hem).
En haar het vermogen van onderscheiding ingaf, en de macht, tusschen zonde en godsvrucht te kiezen.
En die haar toen haar zondigheid en haar godvrezendheid heeft ingegeven!
قَدْ أَفْلَحَ مَن زَكَّىٰهَا ﴿9﴾
Voorzeker, degene die haar reinigt (van zonden), zal succes kennen.
Hij die haar zuiver bewaart, is gelukkig:
Wel gaat het wie haar loutert.
وَقَدْ خَابَ مَن دَسَّىٰهَا ﴿10﴾
En voorzeker, degene die haar schade berokkent (d.m.v. zonden), zal falen.
Maar hij die haar heeft verdorven, is ellendig.
Maar teleurgesteld wordt wie haar laat verkommeren.
كَذَّبَتْ ثَمُودُ بِطَغْوَىٰهَآ ﴿11﴾
Thamoed ontkenden (hun profeten) door hun tirannie.
Thamoed beschuldigde hunnen profeet Saleh van bedrog, door de groote mate hunner zonden.
De Thamoed hebben het in hun onbeschaamdheid geloochend,
إِذِ ٱنۢبَعَثَ أَشْقَىٰهَا ﴿12﴾
Toen de meest verdorven man onder hen naar voren kwam.
Toen de meest verdorvene onder hen werd gezonden, om den wijfjes-kameel te dooden.
toen de ellendeling onder hen opstond.
فَقَالَ لَهُمْ رَسُولُ ٱللَّهِ نَاقَةَ ٱللَّهِ وَسُقْيَٰهَا ﴿13﴾
Maar de boodschapper van Allah zei tegen hen: “Wees voorzichtig! Vrees de kwade afloop. Dit is de kamelin van Allah!” (Schaad haar niet) en verhinder haar niet te drinken!”
En Gods gezant tot hen zeide: Laat Gods (wijfjes-)kameel met vrede en verhindert haar niet te drinken.
Toen zei Gods gezant tot hen: "Pas op met Gods kameelmerrie en haar tijd om te drinken."
فَكَذَّبُوهُ فَعَقَرُوهَا فَدَمْدَمَ عَلَيْهِمْ رَبُّهُم بِذَنۢبِهِمْ فَسَوَّىٰهَا ﴿14﴾
Toen verwierpen zij hem en doodden haar. Dus vernietigde hun Heer hen door de zonde die zij begingen, en maakte hen met de grond gelijk.
Maar zij beschuldigden hem van bedrog, en doodden het dier. Daarom verdelgde hun Heer hen, om hunne misdaad, en hij maakte hunne straf voor hen allen gelijk,
Maar zij betichtten hem van leugens en sneden haar hielpezen door. Toen vernietigde hun Heer hen om hun zonden en maakte hen met de grond gelijk
وَلَا يَخَافُ عُقْبَٰهَا ﴿15﴾
En Hij vreest niet de gevolgen daarvan.
En hij vreest daarvan de gevolgen niet.
en Hij vreesde de gevolgen niet.